Waarom een mobiliteitsplan?
Het mobiliteitsplan vertrekt vanuit één duidelijke ambitie: van Essen een gemeente maken waar iedereen zich veilig en comfortabel kan verplaatsen, of dat nu te voet, met de fiets, het openbaar vervoer of de auto is. Daarbij wordt gezocht naar een evenwicht tussen bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid.
Het plan is opgebouwd volgens het STOP-principe. Dat betekent dat bij nieuwe projecten eerst wordt gekeken naar de noden van voetgangers (Stappen), daarna fietsers (Trappen), vervolgens het Openbaar vervoer en ten slotte de Personenwagen.
Uit onderzoek blijkt dat voor korte verplaatsingen vaak de auto wordt gebruikt. De gemeente zet in op een 'modal shift', een verschuiving van verplaatsingen. Minder met de auto en meer met de alternatieven. Dat doet de gemeente op drie manieren:
- Het aantrekkelijker maken van verplaatsingen met duurzame vervoersmiddelen (te voet, met de fiets op openbaar vervoer).
- Mensen overhalen en sensibiliseren tot gedragsverandering.
- Het minder aantrekkelijk maken van verplaatsingen met gemotoriseerd verkeer.
Vanuit een duurzaamheidsprincipe kiest de gemeente ervoor om de kortste en meest directe routes aan de duurzaamste vervoersmiddelen te geven.
Wat betekent het mobiliteitsplan voor de Essenaar?
De Knelpunten
Actieve weggebruikers (fietsers en stappers)
- Straten en pleinen zijn ingericht in functie van autoverkeer en parkeren van wagens.
- Er zijn teveel smalle straten en stoepen en geen fietspaden of fietssuggestiestroken (bijvoorbeeld in de Stationsstraat, Beliestraat, Kerkstraat ...).
- Pleinen zijn vaak parkings (Sint-Antoniusplein, Heuvelplein ...).
- Er zijn onvoldoende kwaliteitsvolle fietsenstallingen.
Openbaar vervoer
- De verbinding met Wuustwezel en AZ Klina is moeilijk.
- De link met Nederland is moeilijk.
- Het openbaar en gedeeld vervoersaanbod is beperkt en vaak te duur.
Gemotoriseerd verkeer
- Er is geen vracht en landbouwnetwerk beschikbaar.
- Vracht- en sluipverkeer zorgen lokaal voor overlast.
- Laden en lossen in het centrum zorgt voor overlast.
- De weginrichting van Hoek en Horendonk zijn vooral autogericht.
Doelstellingen tegen 2035
Voetgangers
- Een stijging van het aantal kinderen die te voet naar school gaan met 10 tot 15%.
- Een stijging van het aandeel inwoners die zich wekelijks te voet verplaatsen van 66 naar 75%.
Fietsers
- Daling aantal fietsongevallen met 15%.
- Stijging aantal fietsers op belangrijke assen met 20%.
- Stijging aandeel inwoners die wekelijks verplaatsingen doen met de fiets van 62 naar 70%.
- Stijging aandeel kinderen die met de fiets naar school gaan met 10 tot 15%.
- Stijging veiligheidsgevoel op de fiets en tevredenheid over fietsenstallingen.
Openbaar vervoer
- Stijging gebruikers van het openbaar vervoer.
Gemotoriseerd vervoer
- Daling aantal verkeersongevallen met 10%.
- Daling aandeel autoverplaatsingen van 55% naar 50%.
Onderzoek
Bij de opmaak van het plan werden er verschillende onderzoeken gedaan:
- Verkeerstellingen waarbij werd gekeken nar verkeersleefbaarheid, het aandeel zwaar verkeer en het aandeel doorgaand verkeer en de evolutie doorheen de jaren. Hieruit bleek dat de Stationsstraat en de Nieuwstraat slecht scoren. Ook de Oude Baan en de Kalmthoutstesteenweg scoren niet goed.
- Parkeeronderzoek in het centrum van Essen. Hieruit blijkt dat er een overaanbod is aan parkeerplaatsen. Tijdens geen enkel telmoment was gemiddeld meer dan 47% van de parkeerplaatsen bezet. De enige uitzondering zijn de parkings aan het gemeentehuis en de Heuvelhal. Een andere conclusie is dat in de blauwe zone de maximum parkeerduur niet wordt gerespecteerd.
- Landbouwverkeer: Landbouwvoertuigen die van oost naar west gaan (of andersom), rijden vaak door woonstraten zoals de Schelpheuvelstraat en de Nolsebaan of langs drukke straten zoals de Kapelstraat en Stationsstraat.
30, 50 of 70 km/uur?
Het mobiliteitsplan moet Essen veiliger maken. De grootste oorzaak van ongevallen is overdreven snelheid. Door Essen op te delen in zones 30, 50 en 70, kunnen we de veiligheid verhogen. In grote lijnen maken we van alle dorpskernen zone 30, landelijke wegen zone 50 en gewestwegen zone (deels) 50 of 70. Die snelheidszones worden niet zomaar gekozen.
Voor elke straat werd bekeken of:
- het om een lokale of bovenlokale weg gaat;
- het om een sterk stedelijke weg gaat of niet;
- er ruimte is voor fietspaden;
- wat voor verkeer er vooral rijdt;
- er circulatiemaatregelen mogelijk zijn enzovoort;
Afhankelijk van die resultaten is een straat 30, 50 of 70km/uur. In het mobiliteitsplan (pagina 60) kan je zien welke snelheidszone geld in jouw straat. Let op: dit zal niet van vandaag op morgen gebeuren. Het mobiliteitsplan wordt de komende tien jaar uitgerold. Alle verkeerswijzigingen worden stap per stap uitgevoerd.
Actiepunten van korte tot lange termijn
Dit mobiliteitsplan is meer dan een visie of plan, het bevat een tachtigtal maatregelen om binnen de 3 tot 10 jaar te realiseren.
- korte termijn: binnen de drie jaar
- midellange termijn: van 4 tot en met 6 jaar
- lange termijn: van 7 tot en met 10 jaar
Investeren in de toekomst
Met het nieuwe mobiliteitsplan kiest Essen voor een duidelijke koers. De gemeente wil de verkeersveiligheid verhogen, de leefbaarheid van de dorpskernen verbeteren, duurzame mobiliteit stimuleren en toekomstige investeringen zorgvuldig plannen.