naar inhoud

Tijdlijn deel 9 | Het front

Logobevrijding-DEF

4 - 17 september / Het front

Nadat Antwerpen op 4 september was bevrijd werden er via de radio berichten verspreid dat de voorhoede van de geallieerde opmars reeds in Breda was. Dit nieuws werd verspreid door de Nederlandse regering in ballingschap. Wat volgde ging de geschiedenisboeken in als Dolle Dinsdag. In feite ging het om een Britse patrouille die was doorgereden tot op de Bredabaan in Maria-Ter-Heide (aan de molen) en daar een bord Breda had zien staan. Ze gaven hun positie door en werden teruggeroepen door hun oversten.

De Duitsers, die deze berichten ook hadden gehoord, trokken zich massaal terug en er ontstond een bres in de Duitse verdediging. De Britten, die in Antwerpen stonden kregen het bevel om daar halt te houden, ondanks het feit dat ze nog brandstof en voorraden hadden om 100 km verder op te rukken. Dit zou later een blunder van formaat blijken te zijn. Het Antwerpse geheim leger (verzet) onder leiding van Kolonel Colson drong er bij de Britse staf op aan om toch over het Albertkanaal te trekken bij Merksem. Deze brug was nog intact. Het was echter tevergeefs. 

De Duitse militaire staf vaardigde op 5 september het bevel uit dat alle eenheden hun terugtocht moesten staken en verdedigende posities innemen ten noorden van Antwerpen en langsheen het Albertkanaal. Alle bruggen moesten vernietigd worden en de vijand moest ten alle prijzen tot stilstand gebracht worden. Vanuit Duitsland werden er in allerijl versterkingen aangevoerd om de bres in de verdediging ten noorden van Antwerpen te dichten. 4000 parachutisten onder leiding van Kurt Student en 65 tanks van de 559ste Panzerjägerabteilung versterkten de positie van de Duitsers in onze regio. Het zou niet makkelijk worden voor de geallieerden om door te stoten. 

Op één plaats, in Beringen, slaagden de geallieerden en het verzet erin het Albertkanaal over te steken en een bruggenhoofd uit te bouwen op de andere oever. Dit was meteen de uitvalsbasis voor operatie Market Garden die begon op 17 september en de aandacht volledig afleidde van de situatie in onze regio. 

 

Ondertussen in Essen

Op de hoogte gebracht door de zegeberichten uit Antwerpen begonnen ook in Essen de verschillende verzetsgroepen in actie te komen. Verzetsstrijders van het eerste uur alsook van het 11de uur namen de wapens op en slaagden er in om enkele nog aanwezige Duitsers en (vermeende) collaborateurs op te pakken en op te sluiten. Dit gebeurde zowel in Essen-Centrum als op Wildert.  

Toen op 6 september bleek dat de bevrijders niet direct kwamen zat men met een probleem. Onderhandelingen tussen de Duitsers en de pastoor van Wildert susten de gemoederen. In Essen was een tussenkomst van de Nispense douanier Haane nodig om represailles te voorkomen. Alles liep gelukkig goed af.  

De dagen die hierop volgden waren akelig stil in Essen. Men zag vanuit Huijbergen en Roosendaal nieuwe Duitse troepen richting Antwerpen trekken. De strijd was nog niet gestreden en het oorlogsgewoel kwam dichter. De Duitsers namen hun intrek in de scholen. De toegangswegen en kruispunten werden ondermijnd en versperringen werden her en der aangelegd.  

Vanaf 8 september kwamen er sporadisch ook vluchtingen, uit Merksem en later Ekeren en Kapellen, aan. Ze ontvluchtten hun huis en lieten alles achter. Vanaf nu kozen vele Essenaren ervoor om de nacht door te brengen in de kelder of in de gebouwde schuilkelders en onderkomens in tuinen en boomgaarden.   

Het bange wachten en aftellen was begonnen.